top of page

Céramique contemporaine.

10 ans d'acquisitions par la Ville de La Louvière

Sinds de opening van het museum in 2015 kent de Stad La Louvière, overtuigd van de noodzaak om artistieke creatie te ondersteunen en haar eigen kunstcollecties te verrijken, jaarlijks een budget toe aan Keramis voor de aankoop van kunstwerken van hedendaagse keramisten. In tien jaar tijd heeft dit jaarlijkse budget, toegekend op initiatief van Danièle Staquet, schepen van cultuur, het mogelijk gemaakt om de hedendaagse collectie van het museum aanzienlijk te versterken. De helft van de werken, die in het kader van deze nieuwe opstelling worden tentoongesteld, is eigendom van de Stad La Louvière en in permanente bruikleen bij Keramis. Dankzij dit initiatief heeft Keramis, gedurende deze tien jaar, ook schenkingen van privépersonen ontvangen die begaan zijn met de uitbreiding van de collectie en de vitaliteit van het museum. Het gaat om verzamelaars, galerijen, families van overleden kunstenaars en soms ook kunstenaars die hun carrière al hebben voltooid, zoals Quinette Meister (1930). De tentoonstelling begint in de hal met de werken van Pierre Caille (1911–1996) en Antoine de Vinck (1924–1992), twee vooraanstaande figuren binnen de Belgische keramiek uit de tweede helft van de 20e eeuw, van wie de families belangrijke collecties aan Keramis hebben toevertrouwd. Dankzij deze nalatenschappen vervult het museum een herinneringsplicht tegenover de kunstenaars en biedt het kunsthistorici de mogelijkheid om deze collecties te bestuderen. Daarnaast zet Keramis zich in om via zijn eigen programmatie en residenties, als toeschouwer van de hedendaagse kunstscene, jong talent te ontdekken, te valoriseren en te ondersteunen. Dit gebeurt onder meer door de aankoop van zeer recente en artistiek vernieuwende werken. Het verrijken van een museumcollectie met hedendaagse kunstwerken is zowel een investering in de toekomst als een manier om relevant te blijven en de creatieve energie van een artistiek ecosysteem te weerspiegelen. De werken die in deze tentoonstelling worden gepresenteerd zijn gemaakt tussen 1956 en 2025. Ze verwijzen naar de relatie van de kunstenaars met het landschap, de natuur en het lichaam. Deze thema’s vormen de basis van het aankoopbeleid van het museum voor hedendaagse kunst. Hoewel dit niet in steen gebeiteld is, vormt ze de rode draad die op lange termijn de samenhang en het unieke karakter van de collectie garandeert. De tentoonstelling toont slechts een selectie van de werken die sinds 2015 tot heden zijn verworven. Tot de collectie van Keramis behoren ook werken van: Marie-Henriette Bataille, Francis Behets, Charlotte Coquen, Corneille, Coralie Courbet, Rik Delrue, Ernest D’Hossche, Marc Feulien, Maryna Handysh, Sixtine Jacquart, Anne Leclercq, Elisabeth Lincot, Hugo Meert, Kee Tea Rha, Noël Randaxhe, Roger Somville, Piet Stockmans, Jan Van De Kerckhove en vele anderen.

Holy

Valérie Delarue

2016

Geglazuurd steengoed

Collectie van de stad La Louvière (DVLL019 - aankoop 2024)

Deze sculptuur in geglazuurd steengoed draagt de titel Holy en roept beelden op van de sacrale natuur, de verheffing van het lichaam en de metamorfose. Vrouwelijke voeten lijken te zweven op een tapijt van orchideeblaadjes. Valérie Delarue verwijst regelmatig naar haar persoonlijke ervaringen met het bos. Het bos en het kreupelhout vormen een magische en wonderbaarlijke wereld, die even mysterieus als beangstigend kan zijn. Het is het bos uit haar dromen, uit haar kindertijd, van de zondagse wandelingen, van de hut van haar vader, van de picknicks onder de bomen, van de geur van paddenstoelen na de regen. Delarue behoort tot een familie voor wie de dagelijkse omgang met het levende vanzelfsprekend is. Volgens haar is de mens een onderdeel van de natuur, net als alle andere wezens. Valérie Delarue volgde haar opleiding aan de École des Beaux-Arts in Parijs, in het atelier van Georges Jeanclos (1933-2007). Daarna studeerde ze aan het California College of Arts and Crafts in Oakland (VS) bij Viola Frey (1933-2004). Ze verbleef meerdere malen in residentie bij de Manufacture nationale de Sèvres (FR), waar ze de performance Chambre d’argile creëerde. Het beeldhouwwerk Holy werd aangekocht naar aanleiding van de deelname van de kunstenaar aan de tentoonstelling Les Bucoliques. Allégories du vivant in 2024.

Futon

Ninon Hivert

2023

Aardewerk (Faïence)

Aankoop in behandeling door de stad La Louvière (DVLL022 - aankoop 2026)

heden’. De voorwerpen worden eerst gefotografeerd en op basis van die foto’s worden volledig gemodelleerde sculpturen gemaakt. Dit proces maakt een fictieve herschrijving mogelijk: het wezenlijke belang van deze aanpak ligt in de doorlaatbare grens tussen realiteit en fictie. Zachte voorwerpen blijven op wonderbaarlijke wijze rechtop staan. De kledingstukken lijken uit een andere wereld te komen. Ze geven gestalte aan de herinnering aan de mensen die ze gisteren droegen: aan hun bewegende lichamen, aan hun kloppende harten. Door de oxiden bevinden de werken zich halverwege tussen beeldhouwkunst en schilderkunst, tussen werkelijkheid en onwerkelijkheid. De kleuren die de kunstenaar aanbrengt, mimetisch maar niet overdreven, zijn die van stedelijke culturen en van een mensheid die oneindig vibreert. Ninon Hivert werd in 1995 geboren in Les Lillas in Seine-Saint-Denis (FR) en studeerde aan de Beaux-Arts in Parijs. Ze woont en werkt momenteel in Montpellier.

Sans titre (Zonder titel) (Oranje bol)

Sans titre (Zonder titel) (Grote gele en blauwe schaal)

Antonino Spoto

2013

Fijn aardewerk (faïence), gevormd uit platen of gemodelleerd

Collectie Keramis – schenking van de kunstenaar (BFK2014/36 en BFK2014/37)

Antonino Spoto, die nog steeds werkzaam is als anesthesist, begon in 1995 een opleiding keramiek aan de Académie des Beaux-Arts in Charleroi. Daarna werd hij hartelijk ontvangen door pottenbakker Antonio Lampecco in Maredret, die hem zijn virtuoze beheersing van het draaien bijbracht. De meeste werken van Spoto worden op de pottenbakkersschijf gemaakt. Zijn vormen zijn eenvoudig: het gaat om schalen, kommen en geheel of gedeeltelijk gesloten volumes. De kunstenaar brengt met een spuitpistool meerdere dikke lagen glazuur aan op het biscuit dat ongebakken blijft, wat betekent dat het een grote mate van matheid behoudt om het licht te vangen. Deze techniek stelt hem in staat de perceptie van de volumes door de toeschouwer te beïnvloeden. De aan de buitenkant gele schaal weerkaatst het licht, terwijl het blauwe oppervlak het absorbeert. De grote bol, een technisch hoogstandje, lijkt het licht te absorberen via een discrete opening. In alle gevallen verrassen dergelijke formele oefeningen door de schijnbare eenvoud van de gebruikte middelen.

In the middle of

Nathalie Doyen

2017

Wit en zwart steengoed, naaldgeponst

Collectie van de stad La Louvière (DVLL020 - aankoop 2025)

Het keramische werk van Nathalie Doyen is gericht op de intimiteit van de handeling in relatie tot de omgeving. Een installatie getiteld Un souffle sous mes paupières, opgesteld in de hal van het Koninklijk Museum van Mariemont, bestaat uit een constellatie van porseleinen staafjes die met katoenen draden zijn opgehangen. De kunstenares heeft ook muurschilderingen gemaakt met behulp van stukjes ongebakken klei. In diezelfde lijn geeft ze, sinds enkele jaren, door geduldig het oppervlak van kleiklompen te bewerken de textuur van een dikke stof weer. Nathalie Doyen volgde tussen 1983 en 1987 een opleiding aan de Académie des Beaux-Arts van Doornik in de ateliers van Francis Behets en Richard Owczarek. Daarna werkte ze als docente aan de Académie des Beaux-Arts van Namen.

Topographie inventée

Marc Feulien

1977

Geglazuurd steengoed, staal, natuurlijk kwik en plexiglas 

Collectie Keramis – Schenking van Claire Feulien (BFK2009/12)

Marc Feulien (1943-2005) was een belangrijke kunstenaar in de Franstalige Belgische hedendaagse kunstscene van de jaren 1980 en een beeldhouwer die keramiek een centrale plaats toekende. Na een reeks hyperrealistische sculpturen creëerde hij vanaf 1982 een serie getiteld Topographie inventée. Hij liet zich hierbij inspireren door de industriële landschappen van de regio Charleroi, waar hij vandaan kwam en waar hij lesgaf aan de kunstacademie. Zoals Jo Dustin het verwoordt: “Feulien bouwt vreemde halflandschappen, die lijken op overblijfselen van oude steden gezien vanuit de lucht, waarvan de donkere kleuren – as, verschroeide aarde – de reliëfs een ongewone magie verlenen. Soms schittert in de holte van een groef, in de wond van een krater, als eeuwig water, het zilver van een spoor kwik.” (L’Écho de la Bourse, 13.05.1983).

Sans titre (7 half-cubes)

Quinette Meister

c.2010

Steengoed, rookglazuur

Collectie Keramis – schenking van de kunstenaar (BFK2026/06)

De bescheiden kunstenaar Quinette Meister begon in de jaren 1970 met keramiek. Haar werk kan worden vergeleken met de constructieve kunst vanwege de formele soberheid of met de schilderkunst van Pierre Soulage vanwege een gedeelde voorliefde voor zwart. In haar werk als beeldhouwster snijdt de kunstenaar massieve zandstenen blokken in kruisende diagonalen, waarbij ze haar volumes vormgeeft door bepaalde delen weg te halen, die vervolgens met elkaar in dialoog treden. Een ander kenmerk van haar werkwijze is het diepe zwart dat wordt verkregen door het roken aan het einde van het bakproces. Dit atypische proces, dat zeer rijk is wanneer het onder de knie is, bracht haar naar Japan, waar ze in 1981 aan de privéschool Tandai ging studeren in de klas van keramist Hideyuki Hayashi (1937-2025). De twee kunstenaars zouden hun hele leven lang nauwe banden onderhouden.

Sans titre (Landscape)

Quinette Meister

c.1985

Steengoed, rookglazuur

Collectie Keramis – schenking van de kunstenaar (BFK2026/07)

Tijdens haar verblijven in Japan kreeg Quinette Meister ook de kans om een zwarte baktechniek te beoefenen bij de beroemde Japanse pottenbakker Kazuo Yagi (1918-1979), één van de vijf oprichters van de groep Sodeisha. Het hier getoonde landschap werd bij die gelegenheid in Japan gebakken. Na twee tentoonstellingen in Kyoto en Tokio in 1985, keerde Quinette Meister terug naar Parijs waar ze haar werk in 1987 presenteerde in de galerie Kisaragi. Het betekende haar doorbraak en drie werken werden aangekocht door het Musée national de la céramique de Sèvres. Het tweede stuk dat in de collecties van Keramis werd opgenomen, is een reeks doorgesneden kubussen die in een rij op elkaar aansluiten. In de jaren 2000 kon het onderzoek naar ritme van Quinette Meister worden vergeleken met concrete muziek. Volgens Frédéric Bodet getuigen ze van een vorm van “spirituele roes” (Chateauroux, 2011). Op 96-jarige leeftijd is Quinette Meister onlangs gestopt met het maken van nieuwe werken.

Vois-là

Émile Desmedt

2018

Zoutgestookt steengoed, hoge temperatuur

Collectie van de Stad La Louvière (DVLL009 – verworven in 2019)

Sinds 2015 verwelkomt het monumentale beeldhouwwerk État II, vlakbij het voorplein van het museum, de bezoekers buiten. Dit kunstzinnige en technische hoogstandje, dat in 2015 ter plaatse werd gevormd en gebakken, typeert perfect de werkwijze van Émile Desmedt. Dit kleinere beeld, dat in het midden van de zaal staat, heet Vois-là. De titels van Desmedt weerspiegelen altijd zijn bedoelingen. Vois-là spreekt de toeschouwer aan door zijn aanwezigheid, de directheid en de vanzelfsprekendheid van zijn boodschap. We herkennen hierin de twee onlosmakelijk met elkaar verbonden dimensies van zijn werk: de keuze voor primaire natuurlijke vormen, plantaardig of dierlijk; en de stempel van het vuur dat hun krachtige innerlijke vitaliteit vastlegd zonder deze te temperen. Desmedts inspiratie gaat ook terug naar zijn jeugd, die hij doorbracht op de kleine boerderij van zijn ouders in Rumillies (Doornik). In 1984, na een eerste beroepservaring, schreef Desmedt zich in voor de opleiding keramiek aan de Académie des Beaux-Arts van Doornik, in het atelier van Richard Owczarek en Francis Behets. De kennismaking met de keramiek veroorzaakte een immense innerlijke omwenteling waardoor zijn toewijding aan een artistieke carrière absoluut essentieel werd.

Sans titre (pair of vases)

David Whitehead

n.d.

Met hout gebakken steengoed

Collectie van de Stad La Louvière (DVLL015.1/2 – verworven in 2021)

David Whitehead werd in 1959 in Zuid-Afrika geboren. Na vijf jaar als landmeter te hebben gewerkt, ontdekte hij in 1986 de keramiek in Kaapstad (ZA). Aansluitend liep hij stage in het Verenigd Koninkrijk, Schotland, Griekenland en Zuid-Afrika bij Allan Bain, Mick Arnold, Lynda Whitty en Nico Liedenberg. Hij vestigde zich uiteindelijk in Frankrijk, in La Borne in Berry, te midden van een dorpsgemeenschap van kunstenaars die met houtgestookte ovens werken. De vormen die hij creëert zijn eenvoudig en krachtig, mengsels van verschillende steengoedsoorten die met de colombin-techniek worden gevormd. Wanneer de klei de consistentie van leer heeft, brengt hij engobes van kaolien en bariumcarbonaat aan die reageren op de as van het stookhout.

Derelict vessel

Frank Steyaert

2017

Steengoed, glazuur en engobes

Collectie Keramis – schenking van de kunstenaar (BFK2018/32)

In de jaren 1980 begon Frank Steyaert, met de precisie van een modelbouwer, aan de realisatie van keramische wrakken van gestrande schepen. Hij gebruikte glazuur, maar vooral gekleurde engobes om verschillende materialen, zoals hier hout, op een zeer illusionistische manier weer te geven. Dit streven naar illusie is echter niet het uiteindelijke doel van zijn werk. Zijn oeuvre is vooral symbolistisch. Dergelijke schepen zijn memento mori die de ijdelheid van het aardse leven uitdrukken. Dit exemplaar, gemaakt voor zijn retrospectieve in Keramis in 2017, brengt een ongekende projectie tot stand. De kisten die uit de ruimen van het opengereten schip ontglippen, symboliseren de wens om de enorme collectie oude en hedendaagse keramiek die de kunstenaar heeft opgebouwd door te geven. Volgens de wens van de kunstenaar zal het hier tentoongestelde schip hem in staat stellen naar het hiernamaals te reizen, symbolisch omringd door een collectie die hem zijn hele leven lang heeft geïnspireerd. De voorkant van het schip is afneembaar en dient als urn. Hij hechtte er veel waarde aan om in het museum te blijven en zal daar ook blijven via zijn kunst, zijn verzamelde werken en misschien ook zijn as, die zijn naasten daar kunnen neerleggen.

Série Grandes têtes

Jean‑Pierre Larocque

2005-2006

Geglazuurd keramiek

Collectie van de Koning Boudewijnstichting Canada (DFRBC001/002)

Deze twee monumentale werken zijn onlangs via de Koning Boudewijnstichting Canada aan Keramis geschonken door een Belgische verzamelaar van het werk van deze, in Québec (CA) woonachtige, kunstenaar. Jean-Pierre Larocque studeerde aan de Concordia University in Montréal (CA) en aan het New York State College of Ceramic aan de Alfred University (VS). Vervolgens gaf hij tussen 1988 en 1995 les aan verschillende Amerikaanse scholen, voordat hij zich aansloot bij het onderwijsteam van de University of California in Long Beach (VS). Hij woont tegenwoordig in Québec en zijn zeer figuratieve keramiekwerken van groot formaat, die paarden of grote hoofden voorstellen, leveren hem aan de andere kant van de Atlantische Oceaan veel erkenning op. In zijn monumentale hoofden of bustes met overdreven trekken slaagt Larocque erin een groteske uitdrukking te creëren die doet denken aan het beroemde Vertumnus-portret (samengesteld uit fruit en groenten) van Giuseppe Arcimboldo (Milaan 1527 – 1593). De sculpturen van Larocque zijn opgebouwd uit vele lagen lint of stukjes gevouwen klei, die zijn platgedrukt en een valse indruk van improvisatie wekken. Deze techniek stelt de kunstenaar in staat psychologische portretten te schetsen die worden gedomineerd door een zekere onzekerheid en een innerlijke leegte.

Fulgure

Coline Rosoux

2019

Geglazuurd steengoed

Collectie van de stad La Louvière (DVLL014 - aankoop 2020)

Fulgure van Coline Rosoux, een vreemd paardenhoofd gecombineerd met menselijke handen, is een psychopomp, wat betekent dat hij de macht heeft om de overledenen van de ene wereld naar de andere te begeleiden. In diverse mythologieën, met name in Scandinavië, werken paarden samen met gidsen of andere doodgravers. Fulgure is glimlachend, tegelijkertijd mens en dier, waardoor zijn gebaren absurd zijn. Onder de kunstenaars van haar generatie was Coline Rosoux, toen ze aan La Cambre studeerde, één van de eersten die dergelijke figuratieve keramiek ontwikkelde geïnspireerd door heidense mythen, magie, de kindertijd en dromen. Ze is geboren in Fontenay-Le-Comte (FR) en studeerde af aan de Beaux-Arts van Angers (FR) en aan de ENSAV – La Cambre in Brussel, waar ze vandaag de dag woont en werkt.

Sans titre

Wayne Fisher

2018

Geglazuurd keramiek

Collectie van de stad La Louvière (DVLL012 - aankoop 2019)

Na zijn studies kunst, natuurkunde en astronomie tussen 1972 en 1978 koos Wayne Fisher ervoor zich toe te leggen op keramiek. Met porselein probeert hij het leven weer te geven dat zich op mysterieuze en moeilijk te benoemen wijze manifesteert. Zijn vormen zijn subtiel geslachtsgebonden, luchtig en in een wankel evenwicht. Hij werkt met dubbelwandige platen volgens een techniek die hij volledig beheerst en brengt zijn glazuurlagen aan met een spuitpistool. Na het bakken op 1220 °C wordt het glazuur geduldig met zandstralen geschuurd totdat het oppervlak lijkt op een huid waaronder het leven klopt. Fischer woont en werkt in Le Revest-les-Eaux, een Franse gemeente in het departement Var in de regio Provence-Alpes-Côte d’Azur.

Lévrier bleu, Présence rouge

Manuel Sánchez Algora

2023

Geglazuurd keramiek

Collectie Keramis (BFK2024/03 en BFK2024/04)

De Spaanse kunstenaar Manuel Sánchez Algora combineert humor en poëzie in kleurrijke, indrukwekkende taferelen. Hij brengt het gewone en het buitengewone samen en parodieert soms moderne kunstenaars of maatschappelijke fenomenen. Hij gebruikt boetseer- en giettechnieken om zijn kleine interieurmonumenten vorm te geven. Hij speelt daarbij, indien nodig, met formaten die doen denken aan de decoratieve tuinbeelden waar hij de spot mee drijft. De kunstenaar uit Madrid heeft zijn beheersing van de keramische technieken te danken aan zijn vader en oom, de tweelingbroers Manuel en Vicente Sánchez Algora, twee ambachtslieden die in de jaren 1950 in Madrid (ES) Cerámicas Algora oprichtten, een fabriek voor populaire decoratieve keramiek. Manuel begon daar zijn vorming die hij voortzette aan de Escuela de Artes y Oficios, de Escuela de Cerámica van Moncloa – waar hij ook al meer dan 30 jaar docent is – en vervolgens aan de Facultad de Bellas Artes te Madrid. Naast zijn werk als docent houdt hij zich bezig met tekenen, schilderen en artistieke keramiek in zijn atelier in Villaviciosa de Odón.

Manekineko - Justice

Sayaka Oishi

2023

Semi-porselein 

Collectie Keramis – schenking van de kunstenaar (BFK2025/36)

Volgens Sayaka Oishi is het werk een bewuste zoektocht naar hyperdecoratie die een syncretische visie op de wereld biedt, een complexe ruimte waar mens, dier, plant en zelfs het anorganische met elkaar verweven zijn. De kunstenaar herneemt het thema van de Manekineko, de populaire kat die geluk brengt en welvaart verzekert. Dit kleine beeldje zit vol details; de houding is zowel vriendelijk als assertief. Sayaka Oishi is een keramiekkunstenaar geboren in Kyoto, Japan in 1980. Ze behaalde haar BFA (Bachelor of Fine Arts) in keramiek aan de Kyoto City University of Arts in 2004. Haar werken zijn nationaal en internationaal tentoongesteld en maken deel uit van collecties in Japan, Zuid-Korea en de Verenigde Staten. Dit werk is in de collectie van Keramis opgenomen na haar deelname aan de tentoonstelling Vivant et en devenir, in Le Delta in Namen, in het kader van het keramiekfestival Perspective 2025.

Concrétion

Thérèse Lebrun

2018

Porselein

Collectie Keramis – Schenking van de kunstenaar

Thérèse Lebrun verzamelt in de natuur zaden, plantenstengels en dopvruchten. Ze bedekt ze met vloeibaar porselein en voegt ze samen tot constructies lijkend op koraal, alsof ze rechtstreeks uit de vroegste tijden afkomstig zijn. Ze haalt dus de essentie van haar vormen uit het levende. Zoals de semioloog Erwin Panofsky stelde: heeft kunst niet “het bewuste vermogen om objecten te produceren, net zoals de natuur verschijnselen voortbrengt”? Het is tussen het object en het verschijnsel dat het werk van Thérèse Lebrun zich situeert. Een werk dat verbonden is met een langdurig proces: dat van de natuur die sterft en transformeert. Na het bakken maakt het porselein zichtbaar wat heeft bestaan, als getuige van een zaaiing die onzeker is geworden.

Grand vase turquoise

Sofi van Saltbommel

2000

Geglazuurd steengoed

Collectie van de stad La Louvière (DVLL021 - aankoop 2025)

Na de kunsthumaniora begon Sofi van Saltbommel haar studie aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Gent (1996) en Brussel (1999). Tijdens haar studie beeldhouwen in België, viel de keramiek in de ogen van de hedendaagse kunstwereld uit de gratie. Toch voelde ze zich aangetrokken tot het medium en schreef ze zich in voor de lessen van Thérèse Lebrun aan de École des Arts d’Ixelles. Deze sculpturale vaas dateert uit het einde van haar keramiekstudie. Naast monumentaal, organisch en verontrustend, is hij vooral antropomorf. Het legt duidelijk de link tussen van Saltbommels eerste kennismaking met de beeldende kunst, waar boetseren centraal staat, en haar intentie om via keramiek een dialoog tot stand te brengen tussen volume en kleur. Momenteel maakt de kunstenares meer figuratieve en theatrale werken waarbij ze verschillende media combineert, zoals textiel. Dit werk is een onmisbare mijlpaal om de artistieke ontwikkeling van de kunstenares te begrijpen.

Paysage Shigaraki

Daniel Pontoreau

2006

Geglazuurd keramiek en brokstukken uit een Anagama-oven

Collectie van de stad La Louvière (DVLL018 - aankoop 2023)

Sinds de jaren 1970 verkent Daniel Pontoreau een metafysische stroming binnen de keramische beeldhouwkunst, waarbij de vorm een dialoog aangaat met zowel de materie in haar minerale historiciteit als met de kosmos. Zijn benadering gaat vooraf aan het landschap, in die zin dat het concept landschap verbonden is met de mensheid, terwijl de materie daaraan voorafgaat. Naast keramiek gebruikt de kunstenaar ook andere ruwe materialen zoals glas, gietijzer of marmer, waarvan hij de symbolische waarden benadrukt. Deze zandstenen plaat, bezaaid met stukjes vuurvaste baksteen uit een anagama-oven in Shigaraki in Japan, voert de toeschouwer symbolisch mee in tijd en ruimte. Daniel Pontoreau, geboren in 1947 in Parijs, is een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Franse ‘nieuwe keramiek’ in de jaren 70 en 80. De creaties van de kunstenaar getuigen van een groot technisch vernuft, zijn vaak indrukwekkend groot en gaan een dialoog aan met de architectuur of de omgeving.

La croix est marquée

Chantal Talbot

c.1980

Gemengde technieken

Collectie Keramis – schenking van Cécile Deboudt-Steurbaut (BFK2026/08)

Chantal Talbot, die in de jaren 1980 een opleiding keramiek volgde in het atelier van Michel Smolders aan de École supérieure des Arts Le 75 in Sint-Lambrechts-Woluwe, was één van de eersten die het motief van beschilderde aardewerkplaten in combinatie met gemengde materialen (hout, metaal, lood…) opnieuw in ere bracht. In 1986 won de kunstenares de eerste prijs op de internationale wedstrijd van Mino in Japan (1986). Soms verwijst ze naar de filmwereld, zoals in Les Sept Samouraïs, een film van de Japanner Akira Kurosawa (1954) en de titel van een installatie die eerder in de collecties van Keramis werd opgenomen. In de jaren 1990 laat Chantal Talbot de keramiek achter zich om zich toe te leggen op het schilderen op doek of op paneel. Het werk van Chantal Talbot heeft een onverwacht experimenteel terrein geopend in de collecties van het museum.

Hula hoop

Claire Lézier

2018

Geglazuurd keramiek

Collectie van de stad La Louvière (DVLL010 - aankoop 2019)

De Franse keramiste Claire Lézier groeide op in Nantes. Tussen 2007 en 2010 studeerde ze keramiek aan de École supérieure des métiers d’art d’Arras (ESMAA) bij de keramisten Haguiko en Jean-Pierre Viot. In 2016 nodigde Keramis Claire Lézier en Coline Rosoux uit om deel te nemen aan de tentoonstelling La terre paysage. De twee keramisten vormen samen het duo M700K (wat staat voor ‘minstens 700 kilo klei’). Samen onderscheiden ze zich door het creëren van grote, dromerige landschappen in ongebakken klei (Tourinnes la-Grosse in 2015, Brass in 2017). Naast dit duo heeft Lézier een eigen oeuvre dat gekenmerkt wordt door een zeer spontane aanpak, waarbij de techniek in dienst staat van het verhaal. Ze maakt landschapsdozen die ze toegankelijk wil houden, kandelaars in de vorm van angstaanjagende draken, groteske figuren of zoals hier, een cirkel van vuur. De kunstenaar put uit haar grenzeloze verbeelding, uit het stadsleven, strips en stripverhalen, de film zonder zich lastige en nutteloze vragen te stellen. Deze cirkel van vuur in geglazuurd terracotta is een heerlijke open deur! Door het vuur en het effect ervan op zo'n triviale manier te tonen, stelt de kunstenaar al het onverteerbare gepraat dat een groot deel van het discours over keramiek sinds het einde van de 19e eeuw uitmaakt, belachelijk. Met Claire Lézier is de balans opgemaakt, is de bladzijde omgeslagen, is de keramiek ontdaan van haar stoffige imago en moet ze voortaan uitsluitend van onze tijd zijn.

Orgue, Amour et Délice

Patrick Crulis

2020

Geglazuurd steengoed

Collectie van de stad La Louvière (DVLL016 - aankoop 2021)

Patrick Crulis, afgestudeerd in schilderkunst aan de Beaux-Arts in Parijs, hanteert een eigenzinnige benadering die zowel verwijst naar de kunstgeschiedenis (het expressionisme, de Duitse Neue Wilde, Joseph Beuys (1921-1986), de COBRA-beweging …) als naar de stedelijke culturen. In zijn werkwijze verwerpt Crulis het minutieuze en het streven naar perfectie. Hij verkiest chaos boven orde en spontaniteit boven berekening. Dit werk past in een onderzoek naar het thema van Clotho, de Griekse godin die de draad van haar leven weeft en wier bestaan doet denken aan dat van Camille Claudel. De titel Orgue, amour et délice is afkomstig van een ezelsbruggetje om namen te onthouden die van geslacht veranderen met het aantal: mannelijk in het enkelvoud, vrouwelijk in het meervoud. Deze formule belichaamt het ideaal van formele en conceptuele deconstructie dat Crulis naar voren brengt. De kwestie van de geslachten staat hier op de voorgrond van zijn betoog over de kunstgeschiedenis, die lange tijd de nadruk heeft gelegd op mannelijke kunstenaars en hun vrouwelijke modellen. Deze problematiek raakt aan een andere: de erfenis van een moderniteit met machistische grondslagen, duidelijk in de iconische buisstoel die aan Le Corbusier wordt toegeschreven terwijl het een creatie is van Charlotte Perriand.

Trophée bois n°1

Caroline Andrin

2025

Klei, asglazuur, gebakken in een Girel 3E-oven van Keramis

Aankoopproject van de stad La Louvière

Sinds 1998 ontwikkelt Caroline Andrin werken op basis van porselein-barbotine die ze in complexe mallen giet, vervaardigd uit diverse materialen. De relatie tussen positief en negatief als as van transformatie vormt, net als de relationele dimensie, de basis van haar conceptuele benadering. Met Send It By Mail, vazen gemaakt van kartonnen buizen die ze per post ontvangt, betrekt ze een sociale groep bij haar werkwijze. Het zijn verschillende soorten textielobjecten, die een intieme band met het lichaam hebben zoals mutsen (van wol of latex badmutsen), nylonkousen of leren handschoenen, die haar hebben geïnspireerd tot verschillende series waarin ze onze relatie tot het dierlijke herinterpreteert. Door paren of losse handschoenen uit te knippen en op een andere manier weer aan elkaar te naaien en vervolgens de barbotine direct in de binnenkant te gieten, creëert ze een wereld van vormen die verband houden met het stereotype van de jachttrofee (Licornes, Skin Game…) of met antieke rhytons. Deze Trophée bois n°1 werd in 2025 gebakken in de Girel 3E-oven van Keramis.

Équilibre vertébral

Nathalie Doyen

2002

Rij van zandstenen platen

Collectie van de stad La Louvière LLS0987/2007

Dit werk, dat in 2007 door de stad La Louvière werd aangekocht, golft door de ruimte en bestaat uit honderden terracotta platen waarvan het profiel langzaam evolueert en verandert. Het herinnert aan de principes van de genetica en de evolutie van de soorten. Zoals de titel suggereert, verwijst het metaforisch naar de wervelkolom en naar alles wat de structuur van het levende in het algemeen vormt. De herhaling van een vorm of een gebaar en de manier waarop het de ruimte inneemt, vormen de belangrijkste pijlers van het plastische onderzoek van Nathalie Doyen en zijn haar onmiskenbare handtekening. Deze installatie, in bruikleen van het Musée Ianchelevici La Louvière (MILL) dat momenteel wegens renovatiewerkzaamheden gesloten is, past perfect in de collectie van Keramis die zich richt op de relatie van kunstenaars tot het landschap, de natuur en het lichaam. Nathalie Doyen volgde tussen 1983 en 1987 een opleiding aan de Académie des Beaux-Arts van Doornik in de ateliers van Francis Behets en Richard Owczarek.

Sans titre (collage)

Pierre Caille

1965

Collage

Collectie Keramis – schenking van de vzw Pierre Caille

Als onvermoeibare kunstenaar, van wie verschillende werken in deze selectie zijn opgenomen, onthult dit tweeluik een andere essentiële dimensie van het werk van Pierre Caille: de collage. Het archief van het atelier van de kunstenaar, dat bij Keramis wordt bewaard, bevat er honderden. Pierre Caille gebruikte alles wat hij maar kon vinden, zoals krantenpapier, uitnodigingen, foto's, postzegels ... om uit te knippen, te plakken, opnieuw samen te stellen en soms zelfs te accentueren met tekeningen of gouache. Deze twee collages stellen schematisch twee figuren voor die bijna uit de kinderwereld lijken te zijn ontleend. Deze werken maken deel uit van een belangrijke schenking van de familie van de kunstenaar aan Keramis. Ze zijn gemaakt in 1965 na de grote tentoonstelling in de Galerie Chalette te New York in 1963. Tijdens dit evenement drong het principe van de collage, soms met geglazuurde terracotta-platen die sculpturale groepen vormden, soms met gescheurd papier, zich op in zijn werk. De kunstenaar was een creatieve duizendpoot, hij schilderde en tekende vrijuit. Hij gebruikte metaalplaat, brons, hout en natuurlijk ook keramiek om een verbeeldingswereld te ontwikkelen die gericht was op extraverte sociale relaties. In samenwerking met een edelsmid vervaardigde Pierre Caille prachtige sieraden voor vrouwen.

Sans titre

Pierre Caille

1982-1983

Gelakt hout

Ville de La Louvière

Als eerste keramiekbeeldhouwer in België ontdekte Pierre Caille (1911–1996) de keramiek in 1936 in de faiencefabriek Boch Frères Keramis. Het bedrijf bevond zich toen op zijn hoogtepunt. Als experimentator met klei, metaal en hout en als begaafd tekenaar, verkende Pierre Caille zijn hele leven lang de terreinen van ironie, fantasie en zelfs het groteske. Tot zijn meest terugkerende thema’s behoren de wandelende mens, vorken, handen en ook wellustige scènes. Dit houten beeld is een groet, niet de plechtige ‘Appel’ van de kunstenaar Idel Ianchelevici die bij de ingang van de stad La Louvière staat, maar het eenvoudige en alledaagse gebaar van iemand die ‘goedemorgen’ of ‘tot ziens’ zegt. Dit werk weerspiegelt het gevoel van gastvrijheid dat onlosmakelijk verbonden is met de identiteit van La Louvière, een stad met meer dan 96 nationaliteiten die, sinds de oprichting van de stad in het midden van de 19e eeuw, voortkomt uit de vele immigratiegolven die werden veroorzaakt door een versnelde industrialisatie.

Miroir d’âme

Antoine de Vinck

1980-1982

Geglazuurd steengoed, houten kist

Collectie Keramis – Schenking van Alice de Vinck (FAdV049)

Enkele tientallen werken uit Antoine de Vincks laatste atelier en woning in Treigny te Yonne (FR), op een steenworp afstand van het beroemde Château de Ratilly, werden in 2016 geschonken door Alice de Vinck, weduwe van de kunstenaar. Puisaye, het land van het steengoed, was de tweede thuisbasis van Antoine de Vinck, die er sinds het begin van de jaren 1950 regelmatig verbleef. Antoine de Vinck was de voortrekker van een heropleving van de steengoedkeramiek en volgde in zijn artistieke visie de voetstappen van Bernard Leach, de eerste Engelse studio-keramist. De Vinck was overigens de auteur van de eerste Franse vertaling van Leachs beroemde werk, A Potter's Book. Naast zijn hoogwaardige, funcionele aardewerk was Antoine de Vinck een originele beeldhouwer, op zoek naar puurheid en stilering. Hij benadrukte de banden tussen oude beschavingen en hun universele gevoel voor het sacrale. Deze wanddoos uit de serie Miroirs d’âme werd tentoongesteld tijdens de retrospectieve die het Koninklijk Museum van Mariemont in 1986 aan Antoine de Vinck wijdde. De Miroir d’âme is metaforisch gezien een punt van concentratie op zichzelf en een toegangspoort tot de kosmos.

Le cavalier au plumet

Pierre Caille

c.1955

Geglazuurd steengoed

Collectie Keramis, schenking van de vzw Pierre Caille

Dit werk van Pierre Caille, getiteld Le Cavalier au plumet, dateert uit de tweede helft van de jaren 1950. Sinds 1948 leidt Pierre Caille het keramiekatelier van La Cambre (École nationale supérieure des arts décoratifs) en doceert er “de basisprincipes van een keramiek waar de rede plaats maakt voor de vrije verbeelding en waar de functie ondergeschikt is aan de spontane scheppingsdaad” (Émile Langui, 1973). Dit beeldhouwwerk illustreert deze gedachte treffend. Het staat mijlenver af van wat de keramische kunst in die tijd te bieden had. Het werk bestaat uit gesloten volumes waardoor het paard en zijn ruiter versmelten tot één denkbeeldig wezen. Deze formele benadering zorgt voor talrijke zones met rijke texturen, nu eens glad dan weer ruw, in genuanceerde tinten van wit, zwart, bruin en beige. Net als zijn Coq bleu uit 1947 (collecties van de Federatie Wallonië-Brussel in bewaring bij Keramis) is de Cavalier au plumet een onmisbare mijlpaal om de sculpturale koers van de kunstenaar in de nasleep van de Tweede Wereldoorlog te begrijpen. Dit werk, geschonken door de vzw Pierre Caille aan Keramis, werd gerestaureerd dankzij de steun van de Stichting Marie-Louise Jacques voor de hedendaagse Belgische beeldhouwkunst.

Canis Lingua

Marc Alberghina

2015

Geglazuurd aardewerk (faïence)

Collectie van de stad La Louvière

Dit drieluik, de eerste aankoop van de stad La Louvière in 2015, maakt deel uit van een serie met de laconieke titel Canis Lingua. Marc Alberghina is afkomstig uit Vallauris (FR), een stad die bekend staat om haar lokale aardewerk. De kunstenaar laat zich rechtstreeks inspireren door de geschiedenis van zijn stad en haar verhalen. Hij hergebruikt soms industriële vormen die ooit hebben bestaan (hier de grote schalen op de achtergrond) of industriële glazuren die hij verzamelt in verlaten fabrieken of fabrieken die worden ontmanteld. Het glazuur van deze tongen is een combinatie van melkachtig wit dat smelt bij 930° en een industrieel roze dat op de markt wordt gebracht door L’Hospied, een beroemde fabrikant uit Vallauris. Marc Alberghina vond enkele kilo’s ervan in het leegstaande atelier van Robert Picault (1919-2000). Zoals hier het geval is betreffende het onderwerp, wil de kunstenaar zowel verleiden als verafschuwen. Het gaat hier inderdaad om buitenproportionele menselijke tongen. In het Frans ontbreken uitdrukkingen met betrekking tot de tong niet. De gekozen titel verwijst naar de Latijnse uitdrukking canis lingua, die door de kunstenaar wordt vertaald als ‘kwaadspreker’. En hoewel de kunstenaar de tong beschouwt als een drager van cultuur, verwijst hij ook naar smaak, lekker eten en… seksualiteit. Het getal drie verwijst zowel naar evenwicht en perfectie als naar het spirituele en de drie-eenheid.

Oiseau

Françoise Pétrovitch

2018

Geglazuurd steengoed, katoenen kussen.

Collectie Keramis

Françoise Pétrovitch, schilderes en tekenares wiens talent vandaag de dag internationaal erkend wordt, heeft zich daarnaast ook toegelegd op de beeldhouwkunst, om de verbeeldingskracht van haar werk in volume weer te geven. Haar sculpturen zijn te vinden in brons – soms monumentaal zoals in het park van het Louvre-Lens (FR) – en in keramiek, zoals hier het geval is. In haar werk vertelt de kunstenares over mensen, de overgang van kindertijd naar adolescentie en een gedroomde dierenwereld. In 2019 realiseerde ze een grootschalige installatie getiteld Passer à travers voor de Galerie des enfants van het Centre Pompidou in Parijs. Françoise Pétrovitch heeft in verschillende keramiekateliers gewerkt, soms bescheiden, soms prestigieus, zoals de Manufacture nationale de Sèvres. Dit kleine beeldje is één van de drie werken die ze tijdens haar residentie in het atelier van Keramis heeft gemaakt in samenwerking met keramiste Olivia Mortier. De vogel lijkt bewusteloos maar straalt een ontroerende zachtheid uit, neergelegd als een offergave op dit smetteloze kussen. Twee andere werken zijn toegevoegd aan de collecties van Keramis: Jane en Peau d’âne. In dit laatste werk herinterpreteert de kunstenaar het sprookje van Perrault en het Electra-complex waarnaar het verwijst.

Wicked flower 5

Clémence van Lunen

2012

Geglazuurd steengoed

Collectie van de stad La Louvière

Clémence van Lunen, een opvallende figuur in de hedendaagse keramiek, heeft een bijzondere band met keramische materialen. Voor haar is de beeldtaal een taal op zich die geen vertaling of interpretatie van een concept hoeft te zijn. Bij Clémence van Lunen gaat de betekenis niet vooraf aan de ervaring maar ontstaat deze uit de ontmoeting, enerzijds met het onderwerp, anderzijds met de klei zelf, beschouwd in haar massa. Haar werkwijze doet denken aan direct beeldhouwen. Het is om die reden dat ze vertrekt vanuit een kleine voorstudie in gebakken en reeds geglazuurde klei, die ze vervolgens omzet naar grotere schaal. Deze methode stelt haar in staat het werk in zijn geheel ruimtelijk te maken alvorens de valkuilen van het bakproces te omzeilen. Terwijl een pottenbakker een pot vanaf de basis opbouwt, benadert Clémence van Lunen haar sculpturen vanuit verschillende invalshoeken. Het gaat hier zowel om boetseren als om houwen. Ze maakt gebruik van allerlei gereedschappen en ongebruikelijke technieken. “Het komt regelmatig voor dat ik de klei zaag”, geeft ze toe. Clémence van Lunen is geboren in Brussel en studeerde daar beeldhouwkunst aan de École Le 75, voordat ze naar de Beaux-Arts in Parijs ging.

La Cascade

Gisèle Buthod-Garçon

2016

Vuurvast klei

Collectie van de stad La Louvière

Bij haar terugkeer uit Senegal in 1979 voelde Gisèle Buthod-Garçon zich aangetrokken tot de keramiek. Vanaf 1982 experimenteerde ze onophoudelijk. Haar studiereizen, op zoek naar de pottenbakkers van Fayoum (EG) in 1991 en van Burkina Faso tussen 1992 en 1996, inspireren haar blijvend. Zowel de vorm als de bewerking getuigen van haar nauwkeurige en scherpzinnige aanpak. Gisèle Buthod-Garçon kiest voor levendige vormen die zich serie na serie voortdurend vernieuwen. Dit werk draagt de titel La Cascade vanwege de glinstering van het oppervlak. Ze bakt haar sculpturen eerst een eerste keer alvorens te kiezen voor een rookbehandeling of een spectaculaire raku-bakbeurt. De glazuren die ze aanbrengt zijn ongewoon vettig en vlammen op om met het materiaal te versmelten. De kunstenares weet de gloeiende hitte van een bijzonder veeleisend proces bij grote stukken te temmen. Als eerste keramiste die zich in 1984 in Saint Quentin-la-Poterie (FR) vestigde, heeft ze een jonge generatie keramisten geïnspireerd om haar voorbeeld te volgen en daar gezamenlijk te werken. Dit grote, krachtige werk werd tentoongesteld in het Musée de la Piscine in Roubaix (FR).
Logo de Keramis

Keramis - Centre de la Céramique
de la Fédération Wallonie-Bruxelles (asbl)
1 Place des Fours-Bouteilles
7100 La Louvière, Belgique

ma 9-17h
me-di 10-18h
info@keramis.be
0032 64 23 60 70

  • Facebook - Black Circle
  • Instagram - Black Circle

Keramis bénéficie du soutien permanent de la Fédération Wallonie-Bruxelles

Logo Fédération Wallonie-Bruxelles
Logo VISIT Wallonia.be
Logo Province de Hainaut
Logo Centrissime
Logo Ville de La Louvière
logo MUSEUMPASSMUSEE

© 2026 Keramis

Avertissement : Le contenu de ce site Internet, les textes, images et œuvres reproduites sont protégés par le droit d'auteur.

Toute reproduction est interdite.

bottom of page