Anaïs Lelièvre laat zich doordringen door het landschap en door wat uitgaat van de minerale materie. Zij stelt zich open voor de uitingen die onthullen dat, zoals zij het zegt, "het daaronder werkt". Haar gevoeligheid voor de natuur en in het bijzonder voor de vijandige ruimtes die ontstaan door tellurische stuiptrekkingen, werd aangescherpt tijdens talrijke reizen, met name naar IJsland, waar zij in 2015 en 2019 naartoe reisde: de contrasten tussen de sneeuw en de basaltachtige zwartheid van dit eiland, dat lijkt op een immense lavasteen, deden bij haar toen een gevoel van desoriëntatie ontstaan; ze voeden sindsdien haar tekeningen en installaties. Voorbij dit aangrijpende optische effect richt de kracht van de ondergrond, die manifest wordt aan de oppervlakte van de aardkorst, de blik van de kunstenares naar het mineraal, dat zij ervaart via keramiek. Tekst Jean-Charles Hameau.